Er bestond al langere tijd ophef over de naam waaronder de fusiepartij van de Partij van de Arbeid en GroenLinks samen verder zouden gaan. Uiteindelijk viel de keus op ‘Progressief Nederland’ ofwel, ‘PRO’. Dit was tegen het zere been van meerdere lokale partijen waarvan ‘PRO’ onderdeel is van de partijnaam. Toen de Kiesraad de aanduiding van de PvdA bij besluit d.d. 13 april 2026 in de registers voor de verkiezingen van Tweede Kamerleden en Europarlementariërs wijzigde in ‘PRO’, wendde de partij ProVeenendaal (en anderen) zich tot de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (“ABRvS”). Op 3 juni 2026 deed de ABRvS uitspraak in deze kwestie.
Op landelijk niveau? Ja.
De ABRvS overweegt dat een politieke groepering de vrijheid heeft om in haar benaming tot uitdrukking te brengen welke opvatting de drijfveer is van haar politieke activiteiten. Dat geldt echter niet als er een weigeringsgrond uit de Kieswet van toepassing is. Juist hierop beroept ProVeenendaal zich; Artikel G1, vierde lid, aanhef en onder b. en c. van de Kieswet bepaalt, kortgezegd, immers dat een naam niet wordt geregistreerd als deze geheel of in hoofdzaak overeenstemt met een al geregistreerde aanduiding dan wel anderszins misleidend is voor de kiezers. Helaas voor ProVeenendaal gaat deze vlieger niet op. De crux is dat de vergelijking met al geregistreerde aanduidingen binnen het landelijke register moet plaatsvinden, en dat de te duchten verwarring onder kiezers van Tweede Kamerleden en Europarlementariërs moet ontstaan. Aangezien ProVeenendaal een gemeentelijke partij is, en geen landelijke, komt er in het landelijke register geen aanduiding met ‘pro’ voor, en valt ook niet te verwachten dat kiezers voor Tweede Kamerleden en Europarlementariërs door de aanduiding PRO in verwarring zullen raken.
Op lokaal niveau? Waarschijnlijk niet overal.
Dat de naam ‘PRO’ nu landelijk geregistreerd staat, betekent echter niet dat deze registratie ook op gemeentelijk en provinciaal niveau geregistreerd zal worden. Hoewel de hoofdregel is dat een landelijk geregistreerde naam ook op lokaal niveau wordt geregistreerd en dus ‘doorwerkt’, bestaat op deze doorwerking een uitzondering. Namelijk als een eerder geregistreerde lokale aanduiding geheel of in hoofdzaak overeenstemt met een op een hoger niveau geregistreerde aanduiding en daardoor verwarring te verwachten is. Dit staat in artikel 4G, tweede lid, van de Kieswet. Of dit aan de orde is zal het centraal stembureau van de desbetreffende provincie of gemeente in ieder individueel geval moeten beoordelen. Hierdoor bestaat de kans dat PRO weliswaar op landelijk niveau aan de Tweede Kamerverkiezingen mag deelnemen, maar dat dit niet in iedere provinciale of gemeentelijke verkiezing het geval zal zijn. Dit betekent dan dat PRO moet terugvallen op een andere naam.
En dus? Waarschijnlijk toch verwarring.
Het voorgaande komt erop neer dat verwarring onder kiezers desondanks te verwachten valt. Het valt immers te bezien of de lokale stembureaus zullen instemmen met de registratie van PRO als er al andere lokale partijen onder een aanduiding geregistreerd staan die hiermee (gedeeltelijk) overeenkomt. In dat geval zal de kiezer PRO moeten herkennen aan diens voormalige naam, GroenLinks-PvdA, of een alternatieve aanduiding.